Titel
Vlag
Foto

Loei – Phu Pha Nam Resort: 2 november (82 km)
Het is nog vroeg als we vertrekken, dus ontbijten zit er niet in. Gewapend met bananen en koekjes gaan we op pad. Al snel beginnen we met klimmen en in net iets meer dan twee uur zijn we al 300 meter gestegen. Het weinige verkeer dat er is, claxonneert ons bemoedigend toe en geregeld gaat er een duim omhoog. Het hoogste punt dat we bereiken is 773 meter. Ondanks het zwoegen genieten we volop van de omgeving en het fietsen gaat prima. Moe maar voldaan komen we aan in het Phu Pha Nam Resort (12 km voor Dan Sai) waar we als enige gasten genieten van het zwembad en een fantastisch uitzicht over de bergen.

Phu Pha Nam Resort – Sappraiwan Grand Hotel & Resort: 3 november (105 km)
Het heeft vannacht voor het eerst geregend, maar nu is het droog. Na het ontbijt stappen we snel op de fiets. We beginnen met een afdaling van bijna 12 km. Die hadden we nog van gisteren tegoed. Een lekker begin. Vanaf Dan Sai volgen we weer een deel van de oorspronkelijke route. En die begint met een klim van ongeveer 5 km, het dal uit. Een vrachtwagen met waterbuffels heeft het er ook moeilijk mee en kruipt ons voorbij. Bij de politiepost op de top doet een politieman grijnzend de slagboom voor ons omhoog. Bergtoppen om ons heen zijn nog in wolken gehuld, maar al snel breekt de zon door. In Nakhon Thai kopen we bij de 7/11 een ijsje. Het kwik is inmiddels opgelopen tot 39,2 graden. We vervolgen onze tocht zuidwaarts over de 2013. De bergen die we in de verte zien, lijken verder weg dan ze zijn. We moeten dus nog een keer flink in de benen. Volgens de Lonely Planet zitten er ‘at the junction’ met weg 12 meerdere resorts. Eenmaal daar aangekomen, blijken we dat ‘at’ niet zo letterlijk te moeten nemen. Voor een fietser is 20 km extra na 90 km in de bergen namelijk nog best een eind. De eerste accommodatie die we tegenkomen is het Sappraiwan Grand Hotel & Resort: we vallen per ongeluk met onze neus in de boter. Voor de helft van de normale prijs kunnen we hier overnachten (€ 30). En daar doen we het graag voor.

Sappraiwan Grand Hotel & Resort – Phitsanulok: 4 november (56 km)
Een Thaise school heeft een tweedaags Engels kamp in het resort. Samen Engelse liedjes zingen en spelenderwijs in en om het zwembad zinnen maken. Erg leuk om naar te kijken. Vandaag is de fiets gewoon een vervoermiddel. De weg is druk en we hebben het fietsen wel even gehad. Het uitzicht is wel leuk: bergen, meer dan grasgroene rijstvelden, een riviertje met versnellingen. Onderweg komen we tot twee keer toe een andere blanke fietser tegen. Ze zijn allebei onderweg naar Laos. Ik ben niet jaloers, want het klimmen is voor hen vandaag. We stoppen nog bij een waterval en bij een vergulde stoepa met bijbehorende boeddhabeelden. Verder is het een kwestie van doortrappen. In Phitsanulok blijven we een dag en kunnen we onze billen wat rust geven. Eindelijk….

Phitsanulok - Sukothai: 6 november (85 km)
Gisteren hebben we een dagje rustig aan gedaan. Vandaag gaan we weer verder. Fried rice als ontbijt, spullen pakken en daar gaan we weer. In plaats van de drukke doorgaande weg (4-baans met vluchtstroken voor langzaamrijdend verkeer) naar Sukothai, proberen we een alternatieve route te volgen. En met succes (117, 1065, 1293). We rijden een behoorlijk eind om (25 km), maar het is de moeite waard. Kleine dorpjes, vriendelijke mensen, rijstvelden, bananenplantages, slangen (en niet alleen dode), schildpadden en ga zo maar door. Op het land wordt hard gewerkt. Rijst ligt langs de weg te drogen. Bananen worden in grote hoeveelheden gepeld en verwerkt voor verpakte consumptie. In de verte zien we telkens een berg, de ene keer links van ons, de andere keer rechts van ons. We hebben duidelijk niet de meest efficiente weg gekozen, maar toch zeker wel de leukste. En de berg houdt zich gelukkig op de achtergrond, zodat we een dagje niet hoeven te klimmen. In Sukothai vinden we een leuk guest house en een fantastisch restaurant. Morgen gaan we Sukothai Historical Parc bezoeken.



Disclaimer
JavaScript Menu Courtesy of Milonic.com