Titel
Vlag
Foto

Een aantal van jullie vroegen zich af of wij wel vertrokken zijn i.v.m. de tsunami in ZO AziŽ. Welnu, dat is dus het geval…. En we genieten absoluut. De reis is prima verlopen, al duurde het allemaal erg lang. De fietsen zagen we in Singapore al het vliegtuig in gaan, dus dat was een goed teken. We zijn dus helemaal compleet en intact in het hotel aangekomen, waar we eerst een duik in het zwembad hebben genomen voordat we verder zijn gaan uitpakken.

Bangkok, eerste indrukken (28-12)
Wat een grote, smerige stad. Precies zoals ik het me herinner van een paar jaar geleden. Heel veel verkeer, heel veel stank. 10-baanswegen zijn geen uitzondering en dat dan ook nog eens op twee niveaus. Grote neonreclames en bill boards sieren de snelweg op. En borden met Thai schrift waar wij helemaal niets van kunnen maken. Afbeeldingen van de koning in overvloed als we eenmaal in de stad zelf rijden. Vlaggen hangen halfstok i.v.m. de ramp. En natuurlijk mag overdadige kerstverlichting in de bomen niet ontbreken. Overal bedrijvigheid, kleine winkeltjes, stalletjes, kleedjes… maar minder sfeervol dan Hanoi, waar hele families op straat wonen. De verkopers zijn weinig opdringerig, dat is opvallend.

Bangkok (29-12)
Die ene dag dat we in Bangkok zijn, maken we onze fietsen en tassen klaar voor vertrek, slaan een flinke voorraad water in en bekijken we wat van de stad. Krioelende drukte op straat, op weg naar Wat Phra Kaeo en het paleis. Ik ben er met Ilja al eens geweest, maar ‘t is toch de moeite waard om ook Robert de kans te geven het te bezoeken. Op een telefooncel zien we een oproep van het rode kruis voor bloeddonors Rh-. Tja, realiteit! Verderop babbelen we wat met een Thaise meneer die (waarschijnlijk) zijn Engels wil oefenen. Hij weet ons te vertellen dat Wat Phra Kaeo (enz) gesloten zijn, omdat de koning bezoek heeft. Ondanks zijn oprechte vriendelijkheid besluiten we toch nog even te checken of het klopt. En nee hoor, ‘t is allemaal gewoon open. We dwalen er wat rond om ook nog een bezoek te brengen aan een enorme liggende Buddha (Wat Pho, voor de kenners). We nemen een andere weg terug. Overal hebben mensen hun waren uitgestald. Op kleedjes, karretjes, zeiltjes, plastic zakken, kranten… In een riviertje spelen kinderen in het water. Het is dan ook vreselijk warm. We eten heeeerlijk in een Thai restaurant, waar ze ook fantastische verse fruitsapjes hebben. Nog even genieten, voordat ons grote fietsavontuur begint. ‘s Avonds komen we langs een plein waar grote stapels met plastic zakken en dozen opgestapeld worden: kledinginzameling voor het rampgebied. Het geeft wel en heel dubbel gevoel. Op tv komen steeds beelden van de ramp voorbij en de fundraising programs lopen bijna constant door, zoals ook de oproepen voor vermisten.

Phanom-Sarakham – Kabin Buri (30-12)
In Phanom Sarakham beginnen we tegen 10 uur onze fietstocht. Het is al goed heet. Op het eerste deel van de route is er nog vrij veel verkeer, maar al snel wordt het iets landelijker. Alles is wat ruimer opgezet dan in Vietnam. De huizen staan verder uit elkaar en er ligt meer land omheen. Uit sommige huizen klinkt opgewekt “hello”. Vaak blijven mensen steken bij een gilletje of kreet als “jo”. De meeste huizen zijn van hout (soms met de begane grond van steen). En natuurlijk heeft elk huis een eigen geestenhuisje. Mensen worden steeds vriendelijker. ‘t is wel wennen om links te rijden, vooral bij het afslaan naar rechts. Pick-ups die afgeladen zijn met mensen rijden ons voorbij. Maar ook varkens worden in de laadbakken opgestapeld. Mijn gezicht prikt van de wind en het zout van het vele zweet. De zon brandt daardoor nog meer. Een groep kinderen staat zwaaiend en roepend naar ons te kijken. Ook in Thailand past een heel gezin prima op 1 brommer. Sommige huizen staan op palen, eronder hangen dan hangmatten in de schaduw. Bij 1 huis zijn de achterste (hoge) palen afgebroken en het huis ligt dus met de voorkant bijna naar boven. Auto’s claxonneren ons vriendelijk gedag. Vaak komt er een hard met omhooggestoken duim uit het raam. Een vrouwtje met een platgeslagen varken aan het spit, lacht ons vriendelijk toe als we voorbij rijden. We zijn nu echt op reis.

Kabin Buri – Aranyaprathet (31-12)
De eerste aanwijzing op de route klopt niet, dus we verliezen al direct behoorlijk wat tijd. De verkeerde weg was wel heerlijk lokaal – deels onverhard – , vriendelijke mensen, verbaasde monniken…. Toch maar omgedraaid om de juiste weg te zoeken. De publieke gebouwen die we passeren zien er altijd goed uit, met grote afbeelding van de koning, gedecoreerd met rood-wit-blauw-wit-rode vlaggen en gele vlaggen. Een paar meiden komen ons tegemoet en draaien om om een babbeltje met ons te maken. Er komt een klein beetje Engels en heel veel gegiechel uit. Erg leuk! Blaffende honden bijten niet (en dat is al vaak gebleven), maar als er twee de achtervolging inzetten, slaat mijn hart een keer over. Snel mijn bidon pakken en blindelings spuit ik achter me. Gelukkig, ze zijn stil en blijven staan. In Sa Kaeo besluiten we van de route af te wijken. Het fietsen valt ons zwaar en 135 km is wel erg veel. Bovendien waait het vreselijk hard (wind tegen). Het laatste deel van de route is dus minder interessant, maar ‘t scheelt toch ongeveer 20 kilometer. Een meisje op een brommer stopt en biedt ons gebakken banaantjes aan. Heerlijk, want we hebben nog niet echt gegeten vandaag. Het is een schat van een meid en ze spreekt redelijk Engels. Een kilometer later is ze weer gestopt en vraagt of wij mee naar haar huis willen. Dat doen we dus. Een korte stop bij haar Universiteit (ik noem het de Universiteit van the middle of nowhere, want hier is niets, behalve de doorgaande weg). Via een onverharde weg, veelal grint en zand (we komen maar 1 keer vast te zitten), komen we bij haar huis. Toeterend en roepend kondigt ze onze komst aan. We maken kennis met haar zussen en tante en drinken wat. Deze familie heeft het niet slecht (al geloof ik niet dat er veel gezinnen zijn in dit deel van Thailand die het slecht hebben, Vietnam was toch een ander verhaal). En ze zijn zeer gastvrij en blij om kennis met ons te maken; dat is natuurlijk wederzijds. Na 116 zware kilometers arriveren we bij een hotel wat ons aangeraden is. Het blijkt een heerljik zwembad te hebben, mooie, ruime kamers en een restaurant. Kortom, we besluiten een rustdag in te lassen voordat we morgen de grens met Cambodja overgaan. Nog acht kilometer. We gaan waarschijnlijk een andere route volgen. Deze staat op onze website. Hier zullen we proberen geregeld berichtjes te plaatsen. Rest ons niets anders dan:

DE BESTE WENSEN VOOR HET NIEUWE JAAR!

Bedankt voor jullie (soms bezorgde) berichtjes: alles gaat goed hier!

Liefs
Robert en Anke



Disclaimer
JavaScript Menu Courtesy of Milonic.com